PREEKBESPREKING
Naar aanleiding van 2 Timotheüs 4: 6-8
~“ONDERWEG NAAR…”~
1. Weet je nog wat ‘Quo vadis’ betekent?
2. Paulus weet heel zeker waar hij naar onderweg is.
a. Wat is zijn eindbestemming, (v.8)?
b. Wat betekent deze eindbestemming?
c. Hoe kan Paulus zo zeker zijn van zijn eindbestemming? (vergl. 1 Joh. 5:12) d. Waarom is Paulus niet bang voor deze eindbestemming?
d. Wanneer kan jij zeker zijn van deze eindbestemming, (v. 8), slot.
3. Paulus heeft de verschijning van Jezus Christus liefgekregen (v. 8).
a. Wat betekent dat?
b. Wanneer heb jij Zijn verschijning liefgekregen (vergl. Joh. 20:29 en 1 Petr. 1:8).
4. Paulus’ eindbestemming tekent zijn reis naar die bestemming.
a. Hoe kan Paulus zijn sterven ‘een drankoffer’ (v. 6) noemen?
b. Op welke manier tekent je eindbestemming ook je dagelijkse leven? (Vergl. 1 Petr. 2:11-12 en 2 Petr. 3:11-15)
5. Paulus weet wat zijn eindbestemming is.
a. Naar welke eindbestemming ben jij onderweg?
b. Wat moet er in jouw leven veranderen als Paulus’ eindbestemming niet jouw eindbestemming is?
c. Hoe kan dat veranderen?